Ron H. van Raalten: Rufus - Heidewachtel - 1 tot 2 jaar

Home |
subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link | subglobal1 link
subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link | subglobal2 link
subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link | subglobal3 link
subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link | subglobal4 link
subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link | subglobal5 link
subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link | subglobal6 link
subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link | subglobal7 link
subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link | subglobal8 link

Duke Rufus van Die Hage tot Gouwe - Heidewachtel

Rufus 1 jaar 7 maanden: juli 2008 - Rufus op vakantie

juli 2008 - 1 jaar en 7 maanden

Eind juni barst voor ons de zomervakantie los. Vanaf 29 juni maken we met de camper een trektocht van 5 weken door Scandinavië. Voor Rufus één groot festijn. Slapen in één ruimte met de baas en het vrouwtje is op zich zelf al geweldig. Iedere dag een andere omgeving, een ander fjord of meer om in te zwemmen, een ander bos, heide of klaverveld om in rond te rennen, sporen te volgen en bokkesprongen te maken. Moerassen en sloten waar je heerlijk in kunt plonzen, lekker vies kan worden, om maar niet te spreken over allerlei vreemde dingen die je kunt vinden om op te eten, of er minstens aan te ruiken. Kortom Rufus heeft met volle teugen genoten van de trektocht, net als trouwens wij zelf. Er zijn ook onaangename kanten voor hem, in Lapland zijn de insecten een ware plaag, waarvoor hij zijn toevlucht in de camper zoekt en tegen zijn gewoonte in liever niet buiten is. Zeker in het begin van de reis, zijn er veel onzekerheden voor hem. Als we nu stoppen is het dan voor een rustpauze, of blijven we hier overnachten? We proberen hem daar duidelijkheid in te geven door de rode vastleglijn enkel te gebruiken als we ergens blijven staan en in de rustpauzes onderweg hem vast te leggen met de gewone riem. Al snel heeft Rufus dit patroon in de gaten. Zijn gedrag op de verschillende staanplaatsen is ook heel divers. Anders dan thuis is hij heel waaks, bij voor hem onbekende geluiden, geuren of bewegingen slaat hij nogal eens aan, wat hij thuis nauwelijks doet. We hebben de indruk dat vooral relatief open plekken voor hem wat onveilige gevoelens opleveren, waardoor hij eerder dan anders aanslaat en ook wat nerveuzer gedrag laat zien. Op weer andere kampeerplekken voelt hij zich snel thuis en ligt dan uitgebreid te slapen voor of achter de camper en hoor je of zie je hem niet.
In de loop van de tijd volgen hieronder verslagen van wat Rufus zo´n beetje beleefd heeft, met foto´s en videootjes. De foto´s en het verhaal lopen niet synchroon. Juist bij verrassende gebeurtenissen heb ik meestal geen foto of video apparatuur bij me.

De eerste vakantieweek

Op de dag van vertrek is Rufus in de ochtend wat van slag. Na zijn ochtendwandeling en eten gaat hij niet slapen zoals anders. Wij hebben het druk met de laatste dingetjes voor het vertrek. Rufus loopt om ons heen en behoorlijk in de weg, nerveus snuffelt hij overal aan. Zodra we vertrekken ligt Rufus op zijn kleedje in de camper en slaapt direct. Hij heeft zijn tuigje om en zit vast aan de gordel van de stoel van het zitje. Voor alle zekerheid hebben we ook een net gespannen tussen de cabine en woonruimte. Eigenlijk is dit niet nodig, Rufus blijft de hele vakantie door prima op zijn plek liggen. Heel en af en toe - vooral als we door tunnels rijden - steekt hij even zijn kop tussen de twee voorstoelen in om te zien of we er nog wel zijn. Tijdens de rustpauzes onderweg laat Rufus geen geren en gevlieg zien. Wat dat betreft is hij aanzienlijk rustiger dan vorig jaar. Op de eerste camping die we in Duitsland aandoen, heeft Rufus twee velden voor zich alleen en ravot achter een bal aan. Hij rent of zijn leven er vanaf hangt, zodat hij voor die dag in ieder geval voldoende bewegingsmogelijkheden heeft. Van de campingbaas krijgt hij bovendien een luxueuze hondenmaaltijd aangeboden: smikkelen en smullen!

Op de volgende kampeerplek in Denemarken houdt Rufus ons scherp in de gaten, hij weet nog niet zo goed of we hier zullen blijven of zo weer verder trekken. Hij begint het pas echt leuk te vinden als we een stevige wandeling langs het water maken. Bij terugkomst blijkt dat er een Nederlands gezin naast ons is komen staan met drie jongens die voor veel levendigheid zorgen, zodat Rufus veel heeft te bekijken als hij bij de camper ligt. Als er rust is, vindt hij het heerlijk om met zijn kop in de wind te liggen. Voor hem komt er blijkbaar een odeur aan interessante geurtjes voorbij.

In Zweden rijden we naar een kleine camping in Gränna. Deze ligt aan de buitenrand van het plaatsje tussen klavervelden en het Vätternmeer ingeklemd. Rufus zwemt er volop en weet van geen ophouden om stokken uit het water te halen en terug te brengen. Als beloning mag hij een stevige stok meenemen naar de camping. De klavervelden vindt hij ook geweldig, hij kan er door heen draven en zijn zigzagpatronen uitvoeren tot zijn tong een halve meter uit zijn bek hangt. Op deze camping is Rufus wat ongeduriger, we denken dat het komt omdat we in een open veld staan. Bij onze andere overnachtingsplaatsen was er sprake van meer beschutting. In Gränna is hij voortdurend op zijn hoede en let op iedere beweging, geluidje en geur die hij kan opmerken.

We reizen een heel eind door Zweden en onze volgende kampeerplek is de Fiskecamp, een camping in Älvkarleby. Het ligt aan een snelstromende rivier waarin kennelijk veel zalm zit. Er staan dan ook veel mannen met lieslaarzen in het water te zwaaien met hengels. Rufus vindt het geweldig om zoveel mensen in het water bezig te zien. Hij zou er zo inspringen om mee te doen, dat lijkt me niet zo verstandig. Bovendien staat er een sterke stroom waar hij waarschijnlijk veel moeite mee zal hebben om tegen in te zwemmen. Op de camping hebben de buren ook een hond. In het begin is er wat geblaf over en weer. Na een kennismaking - het gaat om een teef van 11 jaar - is dat geblaf voorbij en beperkt het contact zich tot naar elkaar kijken. Rufus voelt zich op deze camping op zijn gemak. De plek waar we nu staan is goed beschut en dat geeft Rufus waarschijnlijk een veiliger gevoel dan in het open veld. In de omgeving van de camping is het heerlijk wandelen met Rufus. Via slingerende bospaadjes langs het meer heeft hij het maar voor het kiezen: het struikgewas in of het water in. Op een van deze tochten sleept Rufus uit het water een opgeblazen karkas van een everzwijn uit het water de oever op. Hij luistert gelukkig als ik hem verbied er verder mee te gaan dollen. Tijdens het wandelen langs de rivier waar de zalmvissers bezig zijn is het wel oppassen geblazen. Ik wil dan niet hebben dat Rufus het water in gaat en op het pad langs de rivier liggen veel afgebroken vislijnen waar soms nog haken aanzitten. Ik moet er niet aan denken dat Rufus er eentje in zijn poot trapt.

We zweren bij kleine campings en vinden er eentje in Överhärnäs en kunnen op een plekje terecht met een geweldig mooi uitzicht. Rufus kan zich weer uitleven met achter de bal aanrennen en zwemmen. Twee oudere Zweedse echtparen genieten van de capriolen van Rufus in het water. Het apporteren van stokken uit het water en het rondrennen om zich droog te maken, de bokkesprongen die hij in het gras in het moeras maakt, soms zo wild dat dat hij over de kop slaat, ze vinden het allemaal geweldig. Ze gaan helemaal uit hun dak als ze een leeg bierblikje in het water gooien, die Rufus direct gaat ophalen en bij ze terugbrengt. Zelfs het zich uitschudden vlak voor hen als hij het blikje op de grond legt, vinden ze leuk. Zweden is een geweldig land voor honden. Uitgestrekte velden, bossen, dichtbegroeide waterkanten om in rond te rennen, sporen te volgen, te sluipen en bokkesprongen te maken. Rivieren, beekjes, meren en moerassen om in rond te plonzen en te zwemmen. Iedere dag weer een andere omgeving, wat heeft een hond nu nog meer te wensen? 't Zal niet meevallen om straks weer terug in het saaie Goes te zijn.
We hebben de routeplanning aangepast. Als we de eerste planning zouden volgen, bestaat het risico dat we te laat in Noorwegen komen. We moeten in verband met de strenge invoerregeling voor honden uiterlijk zondag 6 juli in Noorwegen zijn. Op die dag verloopt de wormenkuur van Rufus.

Omdat we naar een gezinscamping in Arvidsjaur gaan, stoppen we vlak voor de camping bij een groot open veld langs de weg, zodat Rufus zich nog even kan uitleven. We houden er geen rekening mee dat we in Lapland zijn. Het veld blijkt een permafrostachtig en moerassig gebied te zijn met een dikke moslaag waar je zompig in wegzakt. Het is er vergeven van de muggen, steekvliegen, horzels en ander onaangenaam ongedierte. Buiten op en rond de camper zoemen allerlei grotere insecten. Rufus moet er niks van hebben en weet niet hoe gauw hij weer de camper in kan. Zweden is dan weliswaar een paradijselijk land voor honden, het heeft duidelijk ook onaangename kanten, waar Rufus nu mee geconfronteerd wordt. Zijn oren zien aan de binnenkant helemaal rood van de steken door insecten. Ook zijn buik zit onder de muggenbulten en andersoortige insectenbeten. We hebben met hem te doen, hij krijgt muggenspul opgesmeerd die geheel uit natuurlijke producten is samengesteld. In de hoop dat dit wat werkt. Op verkenning op en rond de camping blijkt er een groot meer te zijn, waar Rufus prima in kan zwemmen. Hij is niet uit het water te slaan, zal ook wel goed zijn tegen de muggenbeten. Het bos rond het meer biedt Rufus weer meer dan voldoende bewegengsmogelijkheden. Niet alleen Rufus heeft overigens last van de insecten, wij net zo goed.

De laatste camping van deze week is Camping Polar Circle in Jäkkvik. Het is in de zomer een wat naargeestige camping, heel groot met allemaal leegstaande caravans. Het is een echte wintercamping: overal liggen sneeuwscooters. Rufus is heel waaks en slaat bij het minst geringe aan, wat hij op de voorgaande campings niet zo sterk had als hier. De camping ligt in een bos aan een meer. Rufus kan zijn hart dus weer ophalen. Een compleet modderfestijn in het bos en een stuk moeras: Rufus volgt een spoor van waarschijnlijk een eland. Ik zie in ieder geval afdrukken van grote tweetenige hoeven. Met zijn staart laag woest zwaaiend laat hij zich niet weerhouden door struikgewas en modderpoelen. Als ik het genoeg vind en hem bij me roep, is hij nauwelijks herkenbaar, een dikke laag modder, twijgjes en takken erin bedekken hem helemaal. Het enige wat nog contact heeft met de buitenwereld zijn de neus en zijn ogen. Ik laat Rufus nog maar even zwemmen in het meer, om de ongerechtigheden van hem af te spoelen. Veel zin heeft het niet, we moeten door hetzelfde bos en moeras terug naar de camping.

En nog een video-impressie van de eerste week (ongeveer 2 minuten). Voor groot formaat klik hier

<<terug naar boven>>

De tweede vakantieweek

Tijdens het inruimen van de camper voor het vertrek richting de grens tussen Zweden en Noorwegen ligt Rufus enthousiast te rollen in vies spul. Wij zijn minder enthousiast, hij stinkt een uur in de wind. Uit pure armoede neem ik hem mee naar het meer om hem te laten zwemmen. Rufus maakt er geen bezwaar tegen. Op weg naar het meer zien we weer de grote 2-tenige hoefafdrukken, ik denk nog steeds van een eland.
In alle reisgidsen over Noorwegen wordt gewaarschuwd voor strenge grenscontroles. Wij zijn de grens gepasseerd voordat we het in de gaten hebben. Na 2 kilometer is er een grenskantoor, ook daar kunnen we gewoon doorrijden. Zonder enig probleem rijden we met Rufus Noorwegen binnen, geen douane om te controleren of we aan alle verplichtingen voor huisdieren voldaan hebben.

Bij het Nordland Nationaal Park pauzeren we en maken een wandeling door het park langs een woest bruisende rivier. We steken de rivier over via een soort van kabelbrug die flink heen en weer zwiept. De eerste keer vindt Rufus het doodeng en sluipt er als het ware overheen. Op de terugweg vindt hij het nog steeds niet geweldig, nu zorgt hij ervoor om er zo snel mogelijk over heen te komen. Bij Bodo overnachten we op een plek met een geweldig uitzicht op de Vestfjord en hebben een prachtig zicht op de middernachtzon. Voor het vertrek naar de veerboot de volgende ochtend wandel ik nog twee keer met Rufus langs de meertjes in het park. Hij kan dan zijn energie kwijt voor de vier uur durende boottocht. Tijdens de overtocht eten we wat in de restauratiesalon van de boot. Rufus krijgt zijn bak voer. Even later komt er een bemanningslid vertellen dat Rufus naar de auto moet. Honden mogen niet uit de auto, en mensen mogen niet in de auto blijven. Als we onze eerste overnachtingsplek op de Lofoten gevonden hebben moet Rufus hoognodig een rondje.


Een volgende camping ligt aan een baai met een wit zandstrand. De zon is grotendeels verdwenen en het kwik daalt tot 10 graden. Geen strandweer dus. Rufus trekt zich daar maar weinig van aan en neemt een paar fikse duiken in het water om even later rond te rennen op het strand. Onderweg vinden we een soort van drijfring van een vissersnet, een perfect speeltje voor Rufus om uit het water te apporteren. Terug op de camping slaat Rufus opeens aan en blijft verwoed blaffen. Een Duitse familie is gearriveerd met een 14 jaar oude Heidewachtel. Zijn baas vertelt dat zijn hond geen andere reu's in zijn omgeving duldt. Dit is ontstaan door de competitie tijdens de jaren dat de hond aan de jacht deelnam. Jammer, Rufus heeft er dus geen speelkameraad bij. Op de avondwandeling dagen een stel scholeksters Rufus verschrikkelijk uit, we denken om hem weg te leiden van hun nest. Als we terugkeren zien we op de camping een bordje dat honden altijd aangelijnd moeten zijn. Hij heeft dus mazzel dat ie 2 wandelingen los is geweest. Nu pech voor hem, het rondrennen is voor hem nu voorbij.
In Stokmarknes vinden we weer een plekje met uitzicht op een fjord. Jammer genoeg zijn er voor Rufus niet zoveel mogelijkheden om te wandelen. Er is geen geleidelijke overgang van de camping naar het fjord, je komt er door over grote rotsblokken te klauteren. Hij staat overigens zijn mannetje, hij klimt en klautert over de rotsen heen of hij niet anders gewend is. Het verbaast me dat dit hem zo gemakkelijk afgaat. Hij vindt zeeëgels en neemt die in zijn bek, dat lijkt me niet zo plezierig al die stekels in je mond. Rufus lijkt er geen last van te hebben. Voor alle zekerheid verbied ik dat hij de zeeëgel opeet. Een tijd later op een onbewaakt moment werkt hij er toch eentje naar binnen, zonder daar enige hinder van te ondervinden.
We bereiken in deze week het meest Noordelijke punt van onze vakantie: Nyksund. Onderweg komen we een stellage tegen waar nog wat stokvissen aan te drogen hangen. Ze zijn keihard, Rufus vindt ze lekker ruiken en als hij de kans krijgt zou hij er eentje verschalkt hebben. Even later vindt hij twee stokvissen die in het gras liggen en begint er direct aan te kluiven.
We treffen een teek aan in de nek van Rufus. Hij merkt dat zelf blijkbaar ook. Rufus stopt zijn kop in je hand en duwt hem zo, dat je de teek niet kunt missen. Het weghalen met de tekenpen laat hij rustig en gewillig toe. We druppelen hem tijdig met spul tegen vlooien en teken. De werkzaamheid van die druppels valt tegen, volgend jaar toch maar weer een tekenband.
Na een voor ons doen lange rit (iets van 200 kilometer) heeft Rufus weer wat beweging nodig: de bal brengt uitkomst. In de baai van het fjord kan hij compleet uit zijn dak, wat hij dan ook vol overgave doet. Hij rent en plonst in het ijskoude en heldere water. Hij weet niet van ophouden en rent over steenblokken en rotsen zonder zijn vaart te verminderen. Ik krijg visioenen van Rufus vorig jaar in Zwitserland die in volle vaart tegen een boomstronk knalt en Rufus die in Goes door een half gesloten schuifpui naar buiten probeert te rennen. Het gaat nu gelukkig allemaal goed. Bij de camper rolt hij zich droog in het gras. Een grondige borstelbeurt sluit zijn bewegingsactiviteiten af. In de volgende fotoserie valt te zien hoe Rufus zich vermaakt in een ondiep fjordgedeelte. Het is een ware Fjorddans:

Weer een video-impressie van de week (ongeveer 4 minuten). Klik hier voor groot formaat.

<<terug naar boven>>

De derde vakantieweek

Rufus vindt opnieuw tijdens een wandeling twee grote stokvissen. Hij zorgt ervoor zover mogelijk uit mijn buurt te blijven, bang dat ik ze zal afpakken. Hij wil het liefst linea recta terug naar de camping. Hij zoekt er een rustig en veilig plekje om zijn buit op te peuzelen. Hopelijk krijgt hij er geen last van. Achteraf denk ik het weer eens niet goed gedaan te hebben. Ik had hem de stokvis moeten laten afgeven en terug bij de camper hem een stuk moeten aanbieden. Rufus stinkt gigantisch naar vis: de vermaledijde stokvis. Hij drinkt ook bakken water achter elkaar: vis moet tenslotte zwemmen. Als het tijd is voor het avondeten heeft Rufus er geen belangstelling voor. Driekwart van zijn brokken gaat terug de voorraaddoos in.

In Sorkil vinden we een kampeerplek met weer een waanzinnig uitzicht op het fjord, Rufus kan zo vanuit de camper het fjord induiken. Wat hij dan ook met plezier en vol overgave doet. Net als op de andere plekken zijn er hier veel scholeksters. Deze vogels hebben allemaal wat tegen Heidewachtels lijkt het wel. Ze dagen Rufus als gebruikelijk weer uit en hij trapt er iedere keer met 4 poten tegelijk in. De scholeksters herkennen in Rufus kennelijk een gewillig slachtoffer, ze vliegen samen met een soort van strandlopertjes vlak voor Rufus uit en doen dat net of ze niet goed weg kunnen vliegen. Daarmee lokken ze hem iedere keer het water in. Het is voor hem dan wel héél erg moeilijk om gehoorzaam te zijn. In de camper zoekt Rufus naar de kleinst mogelijke plekjes om lekker te liggen.

In Amnes staan we weer aan het water, op een wei die grenst aan het strandje van het fjord: weer klasse voor Rufus! Aan het begin van de avond is het gedaan met het mooie weer. Wind en regen in de vorm van plensbuien en stormvlagen sturen ons de camper in. Rufus zou net zo lief buiten blijven, maar we zijn onverbiddelijk, hij moet naar binnen. Kleddernat kom ik later van de avondwandeling met Rufus terug. Gelukkig is het de volgende dag weer stralend weer. In de omgeving kan er prima met Rufus gewandeld worden, langs uitlopers van het fjord.

De camping Sjobakken ligt 5 kilometer van de veerboot af. Tot onze verbazing zien we als we de camping oprijden de veerboot 100 meter verder aan de overkant van het water liggen. We krijgen een plekje aan het water. De campingbazin waarschuwt ervoor om Rufus vooral aangelijnd te houden. Landeigenaren schijnen het recht te hebben of zich toe te eigenen loslopende honden op hun grond af te schieten. Een naar trekje van die Noorse landeigenaren.

Op een volgende camping in Svaberget staan we aan een houten vlonder met een picnickbank erop. Rufus zwemt er in een diep meer. Het water is ijskoud, voor het eerst aarzelt Rufus of hij er in zal gaan. Uiteindelijk glijdt hij toch het water in. In onze verkenningswandeling komen we langs een rivier die uit een hoger gelegen meer stroomt en het meer waar Rufus in gezwommen heeft van water voorziet.

En natuurlijk weer een filmpje (ongeveer 3 minuten) van de derde week, klik hier voor groot formaat.

<<terug naar boven>>

De vierde vakantieweek

Vanaf een parkeerterrein beginnen we een wandeling de Torghatten op. Bezienswaardigheid op de top is een groot vierkant gat in de berg. Rufus doet dapper mee met de beklimming. Hij is helemaal in zijn sas dat hij de bergop mag trekken zonder dat hij gecorrigeerd wordt. Da's wel zo makkelijk voor het baasje. Naar beneden loopt hij netjes achter me of naast me mee. Van geen wonder nadat hij een extra gewicht van 66 kilo mee naar boven heeft gesleept. Rijden we verder laten we bij een rustplaats Rufus wat zwemmen. Een Duits gezin vindt het maar niks zo'n vieze hond in het water, zij wilden ook net gaan zwemmen en dan zien ze zo´n vies beest in het water.


Op de volgende camping is het bloedjesheet: 29 graden: denk je naar een koud land te gaan. Het is een heel rustige camping, een grasveld met weer een prachtig uitzicht. en verschrikkelijk schoon en net sanitair. Voor Rufus zijn er veel wandelmogelijkheden, het zwemmen is voor ons niet zo aantrekkelijk. Je moet eerst door een boel modder voordat je bij het ondiepe water bent, dus deze keer geen zwemfestijn. Tijdens een avondwandeling slaan Rufus en ik een klein zijweggetje in. We belanden in een soort van sprookjesbos. Zo'n bos waarin Roodkapje de Boze Wolf tegenkomt en Klein Duimpje verdwaalt. Rufus is er niet van onder de indruk, hij ruikt en ziet van alles. We kunnen tot 11 uur 's avonds buiten in de zon zitten: genieten!
Sinds de wandeltocht de Torghatten op, denkt Rufus dat elke weg omhoog gaat en hij zijn baas behulpzaam moet zijn. Met andere woorden, hij trekt als een lier. Ik heb een wandeling van 6 kilometer nodig om hem weer de grondbeginselen van het meelopen aan de lijn terug bij te brengen.


In het Jotunheimengebied staan we op een camping in Maurvangen, een echte bergcamping: open en de wind heeft er vrij spel. We maken een wandeling van een paar uur, naar het meer van Gjendesheim. Voor Rufus weer een stevige oefensessie, zo stevig dat zijn halsband afbreekt. Hij schrikt er danig van en loopt van de weeromstuit de rest van de tijd heel rustig mee. Terug bij de camper gaat hij direct slapen, hij is kennelijk heel intensief bezig geweest.


Tijdens de rit over de hoogvlakten van de Jotunheimen wandelen we met Rufus een eind de hoogvlakte op. Hij stuift door het dichte struikgewas dat het een lieve lust is. Hij kan weer helemaal los: springend van bult naar bult, over stroompjes en diepe putten heen. Af en toe laat ik hem bij me komen, om hem wat rust te geven. Zelf gunt hij zich niet de tijd om even op adem te komen.

 

Een kort filmpje van de vierde week (krap 2 minuten). Klik hier voor groot formaat.

<<terug naar boven>>

De vijfde vakantieweek

Onderweg naar de volgende kampeerplek, komen we een sneeuwveldje tegen. Natuurlijk stoppen we om met Rufus er over heen te lopen. Rufus is blij verrast en maakt een paar bokkesprongen in de sneeuw en graaft een putje om te laten zien, dat hij best nog wel weet wat sneeuw is. Op de camping in Leira is het puffend warm en we zoeken alledrie een schaduwrijk plekje uit onder een boom om op te bivakkeren. Rufus verkiest het even later om onder de camper te liggen. Zijn witte kraag ziet zwart van de viezigheid. Rufus gaat verschillende keren te water. Vanwege het weer waagt de bazin zich zelfs in het water. Rufus vindt het geweldig, hij snapt alleen niet dat hij moet zwemmen en dat zij gewoon in het water kan lopen. De wandelmogelijkheden in de omgeving zijn niet erg enerverend, er zijn geen bospaden of kleine weggetjes. We zijn aangewezen op de asfaltweg met soms wel een héél erg smalle berm. Eén keer waag ik het erop om toch maar het bos in te stappen naast de weg. Dat doe ik voor geen tweede maal. Halsbrekende toeren om je door dode takken en struikgewas heen te wringen en te worstelen. Rufus heeft er geen last van en dartelt vrolijk om me heen, terwijl ik me in het zweet werk.

Inmiddels zijn we de grens gepasseerd en zijn terug in Zweden. Op weer een andere camping levert de gebruikelijke verkenningstocht met Rufus in eerste instantie niet veel op. Later blijkt dat er verschillende aardige wandelpaden zijn. Een mevrouw met een gecastreerde Springer Spaniel komt nog even buurten. Chismo - zo heet de Spaniel - piest voortdurend tegen ons heggetje aan. Rufus vindt dat niet zo fijn, zijn lijn is net te kort om bij de heg te kunnen komen. Hij zou maar wat graag zijn geurvlaggen over die van Chismo zetten. Het strandje ongeveer 500 meter van de camping verwijderd is niet toegankelijk voor honden. Ik begrijp niet zo goed waarom niet. Het is een smerig strandje dat echt stinkt. Eerst dacht ik dat het riool op het strandje loost, maar ik kan geen riool vinden. Wellicht dat de boeren in de buurt zich hier van hun mest ontdoen. Een stuk van het strand bestaat uit een dikke laag mest. De mensen liggen op hun badhanddoeken weliswaar niet op de mest, maar toch vlak in de buurt. Ze hebben er blijkbaar geen problemen mee. Een eind verder waar geen hondenverbod is, laat ik Rufus zwemmen in helder water. Nog weer verder ligt er aan de kust rose gekleurd spul, wat er nogal giftig uitziet. Dat gedeelte is ook afgezet met draden.

Tijdens de verkenningswandeling bij een camping in Roskilde in Denemarken lopen Rufus en ik langs een meer. Aan de kant heel ondiep en hoever ik de stok ook gooi, Rufus kan steeds al springend apporteren. We slaan een klein zijpaadje in en belanden in een bos. Het bospad loopt een tijdje evenwijdig aan de camping. Als we uiteindelijk midden in het bos zijn, weet ik het Oosten uit het Westen niet meer en heb er geen idee van waar ik me bevind. Na een tijdje doorlopen komen we bij een geasfalteerde weg uit, inmiddels zijn we al bijna een uur onderweg. Uit arre moede en voor de gein zeg ik tegen Rufus dat we terug moeten naar de camper. Hij aarzelt geen moment, draait zich om en gaat het bos weer terug in. Parmantig vooruitlopend met de staart fier omhoog en regelmatig omkijkend of ik hem toch volg gaat hij op weg. Tot mijn niet geringe verbazing staan we binnen een kwartier terug op de camping. Via een klein paadje stappen we het bos uit en ik heb notabene nog niet direct in de gaten dat we op het veldje lopen waar de camper staat! Naar mijn idee hebben we op de terugweg geen paadje gehad die we al eerder hadden gelopen. Mijn oriëntatievermogen is nou niet direct om over naar huis te schrijven, dus weet ik dat niet zeker.

Seeblick is een gedisciplineerd georganiseerde camping op de weg richting Hamburg, met tal van regeltjes en formaliteiten. Bij het nabijgelegen meer is er een zwemstrandje, maar weer verboden voor honden. Jammer voor Rufus, gelukkig is er een prachtig natuurgebied waarin het prima wandelen is. Rufus socialiseert met koeien en paarden. De koeien vindt hij maar wat engig, ze zijn groot en maken behoorlijk wat lawaai met hun geloei. Een paard dat direct naar de omheining komt gelopen langs het pad, vindt hij leuker. Het paard is niet bang voor honden, hij buigt zijn hoofd over de omheining heen en neemt bladeren van me aan om te eten. Het hoofd van het paard en de snoet van Rufus zijn daardoor maar op enkele centimeters van elkaar verwijderd. Als het paard snuift, springt Rufus voor alle zekerheid toch maar achteruit. We vertrekken richting Nederland. Tijdens een koffiepauze doet Rufus nog twee teken op. Tijdens het rijden komt hij dit gewoontegetrouw melden. Op een parkeerplaats op de grens van Duitsland en Nederland worden de twee teken met heel wat moeite verwijderd. De andere teken konden gemakkelijker verwijderd worden, misschien omdat die zich al volgezogen hadden. Rufus laat het allemaal gewillig toe. We hebben nog geen genoeg van de vakantie en besluiten ook in Nederland nog een kleine camping op te zoeken en slaan de eerste afslag na de grens af en vinden een kleine natuurcamping. Grenzend aan de camping is een natuurgebied met een klein vrij meanderend riviertje en een zandverstuiving. Rufus kan zich daar en in het bos weer heerlijk uitleven. Tijdens één van de wandelingen komt Rufus zonder dat hij het merkt en ruikt vlak in de buurt van een hinde. Ik kan het zien omdat ik hoger op een heuveltje sta, terwijl Rufus lager in het struikgewas bezig is. Het dier springt misschien 4 tot 5 meter van Rufus af dieper het bos in.
Langer uitstel is niet meer mogelijk en op het eind van de middag zijn we terug thuis en is de vakantie over. Rufus is niet direct overgelukkig dat hij terug is. De rest van de middag en avond ligt hij bij de garagedeur. Als een van ons naar de camper gaat, dan is hij er als de kippen bij om mee te gaan en springt hij erin om zich op zijn kleedje in de camper te nestelen. ´s Avonds zijn ook Boema en Bobo weer terug. Bobo en Rufus begroeten elkaar echt door heel eventjes de neuzen tegen elkaar te duwen en kort te snuffelen. Boema verwaardigt zich hier niet toe en gaat haar eigen gang, zonder zich iets van Rufus aan te trekken. Ik had het eigenlijk andersom verwacht.

klik hier om de foto´s van juli 2008 in een slideshow te bekijken.

En het laatste korte filmpje van anderhalve minuut, klik hier voor groot formaat

<<terug naar boven>>

Wie zijn wij | Laatste wijziging | Privacy Policy | Contact | ©2008 Ron H. van Raalten