|
Zondag 10 juli Na thee en koffie en wat lekker zitten in de tuin gaan we in Honumu lunchen. Er staan een paar geweldig grote Banyan-bomen in het plaatsje. Ik vraag me af of het dezelfde bomen zijn die in Indonesië indertijd Waringin-bomen werden genoemd. Het zijn wat spookachtige bomen waarvan de stam geen echte stam is, maar zo te zien bestaat uit wortels en er hangen eem boel lianen naar beneden. Net als in Hilo zijn er in Honumu wat oude geveltjes waarin winkeltjes en restaurants zijn gevestigd. Een boeddhistische tempel en naar het lijkt een Japanse tempel staan wat plompverloren midden in het dorp. Op de terugrit naar huis rijden we langs KoleKole. Een plek waar een rivier uitmondt in de oceaan. De weg er naar toe is heel mooi om te rijden. Je rijdt dwars door de jungle, palmbomen, grote bomen met lianen. Overal reusachtig felgekleurde bloemen die vooral afsteken tegen de duisternis, veroorzaakt door de weelderige bomengroei waardoor het zonlicht sterk gefilterd wordt. Omdat het de afgelopen nacht veel geregend heeft is het water bruinig van de losgespoelde grond en stroomt de rivier hard. De waterval is ook groter dan normaal. Zelfs de oceaangolven die aan komen rollen en op de kust breken zijn bruin gekleurd. De middag brengen we met allerlei dingetjes door. Een truck brengt hout voor de open haard. Het oliepeil van de auto van Eli & Judith is alarmerend laag. De liter reserve-olie is niet voldoende om het niveau op een aanvaardbaar niveau te brengen. Gelukkig hebben de buren motorolie in voorraad. Op het eind van de middag gaan Lia en Judith nog boodschappen doen in Hilo en zal er zeker motorolie gekocht worden. Eli blijft thuis om te studeren en ik ben bijna een hele middag in touw om de tuin te inspecteren. Ik kan geen ander tuingereedschap vinden dan een grashark, dus echt hard werken hoef ik niet. Kyoto één van de katten volgt me overal waar ik ga en af en toe komt ze wat kopjes geven. De andere katten zijn in geen velden of wegen te bekennen. Maandag 11 juli Mijn plan is om de oprit schoon te vegen en te spuiten. Al spoedig wordt mijn plan doorkruist door Bob, een buurman die drie huizen verder op Chin Chuck Road woont. In ongeveer twee uur tijd vertelt hij zijn levensverhaal. Het valt nauwelijks te herhalen wat hij allemaal verteld heeft. Bob vindt het geweldig dat ik de geschiedenis van Hawaii heel interessant vind en er zelfs iets van af weet. Over de verhoudingen tussen het volk, de koningen en de priesters weet hij nog heel wat wetenswaardigheden over te vertellen. Maar vooral over hoe hij zijn jeugd op Big Island als jongste van een gezin met 13 kinderen heeft doorgebracht op de heuvels en in de suikerrietvelden en het woud, over zijn vader die in de suikerindustrie werkte en over zijn eigen werk. Eerst als militair bij de Navy en later bij de National Guard, wat dat dan ook mag wezen. Daarna is hij Forest Ranger geworden en tot zijn pensioen gebleven in het natuurgebied tussen de twee Mauna´s in. Van het vulkanisch park tot op de Mauna Kea, Bob weet zeer smakelijk en spannend te vertellen over wat hij allemaal heeft meegemaakt als Ranger. Zowel over de dieren als over de planten en bomen in de jungle, maar ook over het gevaar van tsunami's en de vulkaan die sinds kort weer aan het trillen is en The Holy Lake op de Mauna Kea. Bob vertelt dat het het hoogstgelegen meer ter wereld is (volgens mij is dat echter in Peru). Naar zijn mening kunnen enkel echte Hawaiianen werken in de wouden en de bergen. Met enige rancune vertelt hij hele verhalen over zijn opvolger, een Amerikaan die op de universiteit gestudeerd heeft, maar niets begrijpt van de natuur en daardoor in allerlei hachelijke toestanden is terecht gekomen. Hij vertelt ook nog dat de laatste zondag van augustus we welkom zijn op een potludge (zo klonk het tenminste), een picnic georganiseerd door een of andere natuurorganisatie in het KoleKole Beachpark. Je moet dan wel je eigen eten meenemen. Lia is intussen druk bezig met de schommelbank die voor het huis in een boom hangt los te halen en te verhangen in een boom met uitzicht op de oceaan en het heuvelgebied richting Honomu. Het resultaat ervan kun je hiernaast zien bij de laatste twee foto's. De rest van de middag zijn we allerhande klusjes aan het doen. De oprijlaan ziet er weer brandschoon uit en de losse bladeren en bloemen zijn uit het gras gehaald. Zeker als je dan aan de kant van de weg aan het werken bent wordt er uitbundig gezwaaid als er iemand langsrijdt. Een Japanner stopt nog om de weg te vragen naar Akaka Falls met een boel buigingen naast de auto. Als ie gedraaid is en weer langsrijdt buigt ie nog een keer over het stuur heen!
|
||
| <<Vorige | 1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12 13 14 | Volgende>> |